Icoon telefoon Bel ons

In gesprek met Grieteke Oostenbrink, zorgbemiddelaar

“Als je eenmaal je hart hebt verpand aan mensen met een verstandelijke beperking dan blijf je graag met ze werken.”

21 jaar was ze zorgbemiddelaar bij Zozijn. Op woensdag 24 februari is haar laatste werkdag en gaat ze genieten van haar pensioen.

Grieteke Oostenbrink

Nou ja, genieten? Dat moet ze nog wel ontdekken. Ze kan het zich nog nauwelijks voorstellen. Ze gaat zeker het contact met cliënten en hun ouders missen. Want daar deed ze het voor. Ook zal ze de structuur en haar directe collega missen. Maar het contact blijft!

Op 23-jarige leeftijd startte Grieteke haar carrière bij de Sociaal Pedagogische Dienst, de voorganger van MEE. Daar begon ze als maatschappelijk werker en de laatste jaren deed ze, op regionaal niveau, zorgbemiddeling en wachtlijstbeheer. “Voor mensen met een verstandelijke beperking” vertelt ze. "Want als je eenmaal je hart aan ze hebt verpand dan blijf je graag met ze werken! Daar vielen toen ook mensen met niet-aangeboren hersenletsel (NAH) onder.” In die tijd werd de term NAH (een beschadiging aan de hersenen die iemand tijdens zijn leven oploopt) niet gebruikt. Dat kwam pas later, evenals de behandeling voor mensen met NAH. 

Grieteke: “Op 1 april 2000 startte ik als zorgbemiddelaar bij Festog, vóór de fusie met Zozijn een zelfstandige organisatie in de Achterhoek en de Liemers. In die tijd werd namelijk de keus gemaakt dat zorgorganisaties zelf de wachtlijsten beheerden en zorgbemiddeling deden i.p.v. dit langer regionaal te organiseren. Bij Festog was dit toen een nieuwe functie en samen met een collega zette ik het wachtlijstbeheer op. Het was echt pionieren.”

Soms raden we de cliënt een andere organisatie aan

Toen Grieteke eerst voor Festog, en later voor Zozijn, vele cliënten en ouders sprak ging dat over een fijne plek voor de cliënt. Je zou misschien denken dat dit altijd een plek bij Zozijn was. Niets is echter minder waar. “Toen adviseerden we cliënten zich ook bij andere organisaties aan te melden. Dat doen we tot op de dag van vandaag nog steeds. Zo heeft de cliënt de mogelijkheid zelf te kiezen. 

Hierdoor hebben wij ook veel contact met andere organisaties. Want als cliënten een vraag hebben en wij kunnen deze vraag niet beantwoorden dan gaan wij met deze cliënt ‘op reis’. Samen kijken we naar de beste plek voor hem of haar. Is dat een plek bij een andere organisatie? Dan is dat goed. Zolang je maar kijkt naar de cliënt en naar zijn vraag. Dat is ons uitgangspunt. De cliënt heeft de regie over z’n leven en een nieuwe plek moet bij hem of haar passen.

Het is mijn doel dat cliënten succes ervaren

Het voeren van een intakegesprek is best lastig, zeker in deze tijd van corona. Ook is in de afgelopen jaren de vraag van cliënten veranderd. Deze is gecompliceerder geworden. Om als zorgorganisatie hun vraag goed te beantwoorden heb je medewerkers nodig die in staat zijn de cliënt ‘te lezen’ en te begrijpen. Zodra duidelijk is dat een nieuwe cliënt bij ons een plek krijgt heb ik, samen met de cliënt, al snel nauw contact met de coördinerend ondersteuner en de manager waar de cliënt komt wonen of naar dagbesteding gaat. 

Mij spreekt het aan te werken met mensen die zelf hun leven kunnen bepalen en waar ik goed mee kan communiceren. Zij geven zelf aan wat ze belangrijk vinden en wat ze willen. Dat vind ik erg prettig. Zij dromen ervan op zichzelf te gaan wonen en een relatie te hebben. Dan vind ik het leuk met ze in gesprek te gaan. Daar hoort ook bij dat ik ze aangeef waar de mogelijke valkuilen zitten. Want bij sommige keuzes kun je heel diep vallen. Dus adviseer ik ze kleine stapjes te maken om succes te ervaren. Veel jongeren kozen dan ook voor ‘langzaamaan vooruit gaan’. Hierbij gebruik ik mijn eigen levenservaring en de ervaring die ik met andere cliënten heb opgedaan. En als ik dan bijvoorbeeld op een woning kom is het erg leuk om te zien dat het goed gaat met die cliënt!

Bedankt en tot ziens!

Weggaan in coronatijd is wel vreemd omdat je geen fysiek afscheidsmoment kunt plannen. Woensdag 24 februari is mijn laatste werkdag. Iedereen waarmee ik heb gewerkt, zowel bij Zozijn als bij andere organisaties, bedank ik voor het contact en de samenwerking. Als we elkaar tegenkomen vind ik het leuk om een kopje koffie of een drankje te doen!”

Meer verhalen