Hersenschade door verwaarlozing, mishandeling of misbruik tijdens jeugd
Veelvoorkomende oorzaken van niet-aangeboren hersenletsel (NAH) zijn ziektes en ongevallen. Minder bekend is dat verwaarlozing, mishandeling en misbruik tijdens de jeugd ook blijvende veranderingen in de hersenen kunnen veroorzaken, met de nodige gevolgen. Deskundige hersenletsel Hans van Dam pleit voor meer aandacht hiervoor. Ook stelt hij dat begeleiders met deskundigheid van hersenletsel deze groep mensen kunnen helpen bij het vinden van hun weg in het leven.
Nare ervaringen kunnen gevolgen hebben voor brein
"Het gaat hier om een grote groep", stelt Hans van Dam. "Veel mensen hebben in hun jeugd nare dingen meegemaakt, die gevolgen hebben voor hun brein. Dat kunnen grote traumatische gebeurtenissen zijn. Maar dat hoeft niet altijd. Het kan ook gaan om bepaalde negatieve ervaringen gedurende langere tijd in hun jeugd. Denk daarbij vooral aan gebrekkige emotionele afstemming. In al deze situaties kunnen de hersenen zich anders ontwikkelen."
Onderscheid in twee groepen
Het is van belang om hierbij onderscheid te maken in twee groepen, legt Hans van Dam uit. "De eerste groep zijn mensen die in hun jeugd verwaarloosd zijn. Zij kregen als kind niet de aandacht die ze nodig hadden. Ze konden hun gevoelens met niemand delen. Vaak brachten zij als kind veel tijd alleen door, bijvoorbeeld omdat ze vaak voor straf naar hun slaapkamer werden gestuurd. Of omdat ze werden buitengesloten. Of ze werden als baby niet getroost of gevoed op de momenten dat dat nodig was."
En de tweede groep? "Dat zijn mensen die in hun jeugd mishandeld of seksueel misbruikt zijn. Daar hoort ook bij: gepest zijn (bijvoorbeeld op school) en geïntimideerd zijn."
Gevolgen verwaarlozing
Bij elk van de twee groepen zien we andere gevolgen voor de hersenontwikkeling, vervolgt Hans van Dam. "Bij mensen die als kind verwaarloosd zijn, blijft de schadelijke ontwikkeling van het emotionele brein nog redelijk beperkt. Wel kunnen deze mensen wat 'vlak' blijven, soms zelfs apathisch. Dat komt doordat ze als kind hun gevoelens en emoties niet konden delen. Wat we bij deze mensen in ieder geval zien, is dat hun cognitieve vaardigheden onderontwikkeld raken. Ze halen uiteindelijk niet het niveau dat ze onder normale omstandigheden gehaald zouden hebben. Hierdoor zijn zelfinzicht en verwoorden van wat ze voelen vaak moeilijk. "
Gevolgen mishandeling en misbruik
Bij de groep die mishandeld of misbruikt is, zien we het tegenovergestelde. "Hun emotionele brein ontwikkelt zich juist overmatig. Dat komt doordat ze als kind regelmatig in gevaar waren, en het voor hen vaak niet te voorspellen was wanneer ze veilig waren en wanneer niet. Hun emotionele brein staat continu in een soort 'overdrive'. Ze zijn altijd waakzaam en gestrest, ook als hier geen aanleiding voor is. Hier tegenover staat dat de cognitieve vaardigheden zich wel normaal ontwikkelen. Met als praktisch gevolg dat deze mensen, vaak beter dan degenen verwaarloosd zijn, in staat zijn om over hun ervaringen en emoties te praten."
Een vorm van niet-aangeboren hersenletsel
Verwaarlozing, mishandeling, misbruik en vroege gebrekkige emotionele afstemming hebben dus gevolgen voor de ontwikkeling van het brein. "In dat opzicht kun je deze gevolgen beschouwen als een vorm van niet-aangeboren hersenletsel", stelt Hans van Dam. "Uiteraard zijn er verschillen met hersenschade als gevolg van bijvoorbeeld een beroerte of een ongeval. Maar er is zonder meer sprake van veranderingen in het brein."
Is dit ook op scans aan te tonen? "Ja, in een aantal gevallen wel. Bij hele vroege verwaarlozing bijvoorbeeld zie je in bepaalde hersendelen een verminderde dichtheid van het weefsel. Daar zitten dan minder hersencellen dan normaal. Ook met functionele MRI-scans en PET-scans zijn afwijkingen in de hersenen aangetoond, die het gevolg zijn van slechte ervaringen in de jeugd."
Naast behandeling ook begeleiding
Gelukkig hebben de moderne psychologie en psychiatrie meerdere, effectieve methoden om mensen met jeugdtrauma's te behandelen. Met als resultaat dat zij minder zwaar belast verder kunnen in hun leven.
Maar alleen behandeling is niet altijd voldoende, stelt Hans van Dam. "Deze mensen hebben in hun jeugd niet of onvoldoende geleerd hoe ze hun weg kunnen vinden in het leven. Onzekerheid tekent hun leven. Het is belangrijk dat zij, naast behandeling voor het trauma, ook hierin begeleiding krijgen. Anders blijven ze tegen problemen aan lopen. Bijvoorbeeld in relaties, werk, ouderschap, het goed voor zichzelf zorgen, en bij het maken van belangrijke keuzes.
Begeleiding door deskundigen hersenletsel
Ook in de behoefte aan begeleiding zit een overeenkomst tussen mensen met traumatische jeugdervaringen en mensen met niet-aangeboren hersenletsel. Mensen met hersenletsel moeten vaak opnieuw leren hun leven in te richten, omdat dit veranderd is door het hersenletsel. De groep die in hun jeugd verwaarloosd, mishandeld of misbruikt is, heeft het nooit goed geleerd en moet het dus alsnog leren.
"Professionals die deskundig zijn in het begeleiden en ondersteunen van mensen met hersenveranderingen, hebben geleerd door de 'hersenbril' naar gedrag te kijken, plus naar invloeden van buiten op dat gedrag. Daarom kunnen zij deze deskundigheid en ervaring uitstekend inzetten om mensen met jeugdtrauma's te begeleiden", vindt Hans van Dam. "Want, zoals gezegd, er zijn veel overeenkomsten tussen beide groepen. Waarschijnlijk is er wel aanvullende scholing nodig. Maar belangrijke basiskennis is bij deze begeleiders al aanwezig."
Ook breuk in levenslijn
Bij hersenletsel zeggen we altijd dat het een breuk in de levenslijn veroorzaakt: voor de persoon in kwestie is er een leven vóór het hersenletsel en een leven erna. Die levens kunnen onderling sterk verschillen, waardoor iemand echt een breuk ervaart.
Is dit voor mensen met hersenverandering door jeugdtrauma ook zo? Of is dit toch anders? "Ook hierin zie ik overeenkomsten", antwoordt Hans van Dam. "Bij hersenletsel door ziekte of een ongeval is die breuk in de levenslijn scherp en duidelijk zichtbaar. Bij mensen met slechte ervaringen in hun jeugd is die breuklijn gaandeweg ontstaan. Uiteindelijk ontwikkelen ze zich anders dan wanneer ze veilig en op een normale manier waren opgegroeid. Op onbewust niveau voelt hun brein dit loepzuiver aan. Begeleiders van mensen met hersenletsel weten hoe ze hier aandacht aan moeten besteden. Die kennis kunnen zij, met aanpassing, ook toepassen in de begeleiding van mensen met een jeugdtrauma."
Nieuwe, positieve ervaringen
Volgens Hans van Dam biedt de kennis van niet-aangeboren hersenletsel veel kansen voor de begeleiding van mensen die in hun jeugd verwaarloosd, mishandeld of misbruikt zijn. "De gevolgen van deze ervaringen zijn doorgaans niet volledig uit te bannen. Maar op basis van nieuwe, positieve ervaringen kan het brein zich opnieuw instellen en zich deels losmaken van de nare ervaringen tijdens de jeugd. Ook daar zit een duidelijke overeenkomst met de begeleiding van mensen men hersenletsel: het herhaaldelijk boeken van kleine successen helpt enorm om richting te geven aan je leven en het draagt bij aan levensgeluk."